
|
|
R E G L E M E N T
VAN DE MEISJESVEREENIGING OP
GEREF. GRONDSLAG TE KOUDUM
opgericht 14 November 1889. |
Art. 1.
Naam. |
| Er
bestaat te Koudum een Meisjesvereeniging op Geref. Grondslag onder
de naam "Bid en Werk". |
|
Art. 2.
Grondslag.
|
| De
vereeniging aanvaardt als haar grondslag Gods Woord en de Geref.
belijdenis uitgedrukt in de Drie Formulieren van Eenigheid. |
|
Art. 3.
Doel.
|
| Doel
der vereeniging is: hare leden te doen kennen en belijden de
Geref. beginselen voor Kerk, Staat en Maatschappij, voor zover dit
overeenkomt met hare roeping. |
|
Art. 4.
Middelen.
|
|
De vereeniging tracht dit doel te
bereiken:
| a. door 't houden van
vergaderingen, waarop besproken worden de beginselen der
Heilige Schrift voor 't breede levensterrein. |
| b. door zich te voorzien van
die hulpmiddelen, die noodig zijn om 't voorgestelde doel
te bereiken, als Bibliotheek, Bondsorgaan enz. |
|
|
Art. 5.
Leden en Begunstigers.
|
| Leden
kunnen zijn meisjes, die den leeftijd van 16 jaar hebben bereikt
en instemmen met grondslag en doel der vereeniging. Begunstigers
die de vereeniging steunen met een jaarlijksche bijdrage van
tenminste 25 cent. |
|
Art. 6.
Bestuur.
|
| Het
bestuur bestaat uit 6 leden: Presidente voor Studievereen.,
Presidente voor naaivereen., Secretaresse, Pennigmeesteresse,
Algemeen-adjuncte, Archivaresse. Zij zijn belast met de leiding
der vergaderingen, het voeren der correspondentie, het aanhouden
der notulen, het innen der contributie's, het vervangen van eenig
bestuurslid bij afwezigheid en het bewaren der goederen. Verder
draagt het zorg voor handhaving van het Reglement en het ten
uitvoer brengen der besluiten. De leiding der besprekingen kan
desnoods opgedragen worden aan iemand buiten de vereeniging. |
|
Art. 7.
Verkiezing.
|
| Telken
jare treden 2 leden van het bestuur af, maar zijn terstond
hierkiesbaar. |
|
Art. 8.
Vergaderingen.
|
| De
vereeniging vergadert een keer in de week. Om de andere week
studie- en naaivereeniging. Door bijzondere omstandigheden kan van
dezen regel worden afgeweken. De jaarvergadering vindt plaats zoo
mogelijk in Januari. |
|
Art. 9.
Werkzaamheden.
|
| De
werkzaamheden worden verricht volgens een door het bestuur
opgemaakt rooster die voor de leden ter inzage is. |
|
Art. 10.
Contributie.
|
| De
contributie bedraagt 10 cent per week. Bij het beeindigen van het
lidmaatschap vervalt alle aanspraak op het bezit der vereeniging.
Kan een lid wegens ziekte, gedurende tenminste 4 weken de
vergadering niet bijwonen dan wordt zij vrijgesteld van contribute
betalen over die weken. |
|
Art. 11.
Algemeene bepalingen.
|
| Bij
verkiezing brengt elk aanwezig lid één stem uit. Over personen
wordt schriftelijk, over zaken mondeling gestemd. Deze verkiezing
heeft plaats bij volstrekte meerderheid van stemmen. Herstemming
wordt gehouden na een tweetal vrije stemmingen. Bij staken van
stemmen over zaken, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
Over personen wordt de oudste in jaren gekozen beschouwd. |
|
Art. 12.
|
| Bij
verschil van opvatting der leden onderling in gewone zaken beslist
het bestuur, eveneens in dingen waarin het regelement niet
voorziet. Bij verschil van meening inzake de grondslag der
vereeniging is de uitspraak van de Kerkeraad der Geref. Kerk ter
plaatse beslissend. |
|
Art. 13.
|
| Aan
de vereeniging is verbonden een naaivereeniging waar arbeid
verricht wordt voor de behoeftigen der kerkelijke gemeente en voor
de Zending. |
|
Art. 14.
Verplichtingen.
|
De
leden zijn verplicht:
| a. zich zoowel in als buiten
de vereeniging ordelijk te gedragen; |
| b. zooveel mogelijk elke
vergadering bij te wonen; |
| c. de contributie zoo
mogelijk iedere week te betalen. |
|
|
Art. 15.
|
| Indien
een lid zich in strijd met dit regelement gedraagt, kan haar, na
door het bestuur te zijn vermaand, door het bestuur het
lidmaatschap worden ontzegd. |
|
Art. 16. |
| Het
bedanken als lid geschiedt schriftelijk aan het bestuur, of
mondeling ter vergadering, zoolang dit niet is geschied, loopt de
contributie door. |
|
Art.17. |
Wijzigingen
in dit regelement kunnen aangebracht worden met meerderheid van
stemmen in een vergadering waar minstens 2/3 der leden aanwezig
is.
De artikelen 2, 3 en 15 kunnen niet worden gewijzigd. |
|