De bevrijding van Koudum. Hier een Canadese tank voor het Wapen van Friesland en "bemand" door vele Koudumers.
Helemaal links staat Geert Hoekema. De man met het kruisje is een Stellingwerf en rechts vooraan op de tank, met een hand op zijn schouder, is Piet Venema.
De man met de armen om zich heen is Ids Attema en de man met de zwarte pet, achter het fietsstuur, is Cor de Vries.
(foto ingestuurd door Jantsje Albada-Venema met tekstaanvullingen van Tine Klein)

Bulte Nijs april 2005:
Koudum zestig jaar geleden bevrijd

Officieel werd Friesland op 15 april 1945 bevrijd van de Duitse onderdrukking. Deze dag wordt dit jaar voor de zestigste keer herdacht. Voor Koudum geldt de 17e april  want op die dag arriveerden de Canadezen in ons dorp. Een terugblik.

Mevrouw T. de Jong-Visser (Sybren-Tiete) was drieëntwintig jaar toen de oorlog uitbrak. Zij was werkzaam in de bakkerswinkel van haar zuster en zwager aan de Hoofdstraat, het pand waar nu bakkerij van der Molen gevestigd is. Op die bepaalde zaterdag in 1940 kwamen drie zwaarbewapende Duitse soldaten de winkel binnen. Dat was schrikken natuurlijk, want het waren tenslotte geen graag geziene klanten die daar binnenstapten.

Deze soldaten van de fronttroepen waren op verkenning uit en waren de doodsbange venter Ane Finnema vanaf Oudega (H.O.N.) gevolgd. Toen ze zagen dat er genoeg ruimte en warm water aanwezig was in de bakkerij werd besloten dat een grote groep Duitse soldaten de bakkerij als wasgelegenheid zou gaan gebruiken. De eigenaar durfde niet te protesteren.

“Wy hiene yn’t begjin gjin lęst fan de Dútske soldaten,” vertelt mevrouw de Jong “einliks wiene it gewoane jonges, dy’t spookbenaud wiene, want se moasten de Ofslútdyk oer, dy’t sy “Totendamm” neamden. Se mienden dat, ienkear oan’e oare kant, se ek al hast yn Ingelân wiene.” Er werd zwaar gevochten bij de Afsluitdijk. Mensen uit Makkum, Wons en omstreken vluchtten weg.

In 1942 trouwden Sybren en Tiete de Jong en openden ze een manufacturenzaak aan de Beukenlaan (later winkelpand Ype Pries). “Myn man wie fakentiids de hiele wike op reis it lân troch. Hy hie dan meastal griente en fruit mei om te ruiljen foar spullen foar de winkel. D’r wie yn dy tiid in soad ruilhannel.” Toen er op de stations steeds vaker razzia’s werden gehouden, waarbij mannen opgepakt en op transport naar Duitsland werden gesteld, ging Sybren de Jong niet meer op reis.

In de loop van de oorlog kreeg het georganiseerde verzet, waarin een aantal Koudumers actief was, steeds meer vorm. Als gevolg van een tweede overval op het distributiekantoor te Workum, waarna de koerierster met de schuilnaam Annie Westland in Utrecht werd opgepakt, werd in 1944 eerst Tjalke van der Wal en vlak daarna Gerben Ypma (“grutte Klaas”) gefusilleerd. In die tijd werd de in deze contreien werkzame Amsterdamse verrader Arend Klee door verzetsmensen doodgeschoten. Zijn lijk werd bij de Galamadammen in het water gegooid. Als represaille zetten de Duitsers vijf  Koudumers vast op het politiebureau te Sneek: P. de Jager, J. Muizelaar, H. de Jong, ds. A.J. van Dijk en L. Dokkum. Op 12 februari 1945 werden ze samen met vijftien anderen door het verzet bevrijd. Lolke Dokkum werd voor een tweede keer opgepakt en op transport naar Duitsland gesteld. Gelukkig zijn allen er uiteindelijk heelhuids vanaf gekomen.

Mevrouw De Jong herinnert zich de aankomst van de Canadezen nog heel goed.“Der siet in hiele ploech op’t lân tusken de Easte en de Boppedyk, der’t no de bejaardenhúskes steane. In hiele soad Koudumers giene d’r op ôf, eltsenien wie optein, wy wiene befrijd!”

De volgende dag was er een dankdienst in een volle kerk. De bevrijdingsfeesten vonden eind augustus plaats