Niet gepubliceerde "Sprankeling" van drukker Johannes Hoekstra 

<< terug 

Onderdeel van het Nostalgisch album van Koudum

“Ons land is zoo teer, eerder dan andere landen”
(Mussert in zijn radiorede op Nieuwsjaarsdag)


“ONS LAND IS ZOO TEER”

Ach Mussert, spaar ons je gevlei
Je zoete praat, je medelij
“Ons land is teer” heb je gezegd
Maar zie, ons volk staat fier en recht
Het stoort zich niet aan leugenpraat
Is eerlijk in zijn liefde en haat
Al is ons land ook nog zoo teer
Ons volk buigt voor geen vijand neer.

Ons volk is teer, ja, maar het hoort
Nooit aan een Führer, die zijn woord
Verwisseld als een oude jas
Die eerst zweert bij het oude ras
En die als -hij flink verliest-
Dan plotseling “Europa” kiest !
Zoo’n uitvlucht nemen wij niet meer
Ons volk buigt voor geen vijand neer. 

Hij kwam hier als een plunderaar
En nu is hij een martelaar?
Wie eerst een ruit aan stukken smijt
En dan zich aan de scherven snijdt
Heeft toch geen recht op ons beklag?
Dat is het dwaast wat ik ooit zag.
Niet alleen Duitschers hebben “eer”!
Ons volk buigt voor geen vijand neer.

Wij houden van ons “teere” land
En haten dus de schennershand
Die alles plundert en vernielt
Daar niets dan afgunst hem bezielt,
Die onze volksaard breken wil
Met zijn onmenschelijk gedril
En zijn barbaarsche, wrede leer!
Ons volk buigt voor geen vijand neer.

Wij houden van ons land zoo veel,
Dat wij het nooit zien als een deel
Van een verslaafd germanendom,
Dat stappen moet op Hitlers trom
Wie, Mussert, ooit dat deuntje kiest,
Is één, die alle recht verliest
Ons ooit te spreken van zijn eer!
Ons volk buigt voor geen vijand neer.

Spaar ons dus verder je geklets
Het is nooit meer dan Duitsch gezwets
Hoe je ook zwoegt en zweet en slooft
Er is niet één die het gelooft
Al zing je ook het teerste lied
Wij doen het niet, wij doen het niet!
En ‘k zeg je voor de laatste keer,
Ons volk buigt voor geen vijand neer

Johannes Hoekstra


Boppesteand konsept gedicht (de gedichten kamen as Sprankelingen yn de Koudumer krante) fan Hoekstra is makke yn jannewaris 1945 as in reaksje op de nijjiersrede fan de lieder fan de NSB, Anton Mussert.
Hoekstra doarde it net oan it yn de krante te setten om’t hja him dan finzen setten hienen. 
Jelle de Jong